Login

Het is natuurlijk mogelijk om 1 LED-spot als basisverlichting te installeren. Toch kiezen de meeste mensen ervoor om meerdere LED-spots bij elkaar te plaatsen. Het is echter meestal niet haalbaar om iedere LED-spot te voorzien van een eigen stekker en stopcontact. Daarom worden ze vaak in serie geschakeld of parallel doorgelust. Wat is het verschil tussen deze manieren van schakelen? En welke schakeling kunt u het beste gebruiken? We leggen het u graag uit in dit artikel.

Wat zijn serieschakelingen?

Voor een serieschakeling maakt u gebruik van 1 stoom kring: u schakelt alle LED-inbouwspots achter elkaar. In serie dus. De elektriciteit uit de voeding loopt eerst door de positieve kant van de eerste lamp en vervolgens door de negatieve kant. Daarna gaat hij door naar de volgende lamp om zo de stroomkring rond te maken. Gaat er in de serieschakeling 1 lamp stuk, dan is de stroomkring verbroken. De elektriciteit kan niet verder. Vroeger werkten dan alle LED-spots in de schakeling niet meer. De meeste moderne LED-spots hebben echter een ingebouwde brug, waardoor de elektriciteit door kan stromen naar de volgende LED-spot als er 1 spot stuk gaat.

Wat zijn parallelschakelingen?

Bij een parallelschakeling lust u de LED-inbouwspots in meerdere circuits door naar de spanningsvoeding. U verbindt alle positieve en negatieve kanten met elkaar, waardoor de elektriciteit door meerdere stroomkringen kan lopen. Daardoor onderbreekt 1 kapotte spot de stroomkring niet en geven de overige spots gewoon licht.

Wanneer past u welke schakeling toe?

De spanning of stroomsterkte van de LED-inbouwspots bepalen of u de spotjes in serie of toch liever parallel kunt schakelen. Gebruikt u spots van 350 mA, 500 mA, 700 mA of 1050 mA? Dan moet u deze in serie schakelen. Led-inbouwspots van 12 V, 24 V of 230 V kunt u echter beter doorlussen in een parallelschakeling voor de beste resultaten.

Kroonsteentjes of verbindingsklemmen?

Lampen doorlussen met kroonsteentjes is vaak een heel gedoe. We raden u daarom aan verbindingsklemmen te gebruiken voor een net resultaat. U kunt zowel fijne als massieve draden in de verbindingsklemmen plaatsen. Een klem bevat 3 verbindingspunten: 1 voor de draad van de klem van de vorige lamp, 1 voor de lamp zelf en 1 voor de draad naar de klem van de volgende lamp. U heeft per verbinding in ieder geval 2 klemmen nodig. Eentje voor de fasedraad en 1 voor de nuldraad. Wilt u uw LED-inbouwspots aarden, dan heeft u nog een 3e klem nodig voor de randaarde. Deze klemmen, en alle andere accessoires die u nodig heeft voor het plaatsen en doorlussen van LED-inbouwspots, kunt u aanschaffen via onze webwinkel

© Copyright 2019 Ledinbouwspotsleds Alle bedragen zijn inclusief BTW -